Wat leer je in deze aflevering?
In de nieuwste aflevering van AIToday Live staat het Resonant Computing Manifesto centraal. Dit initiatief pleit voor technologie die mensen uitnodigt tot vertraging en verdieping, in plaats van constante afleiding.
Het manifest stelt vijf kernprincipes voor: privé, toegewijd, meervoudig, aanpasbaar en prosociaal - allemaal gericht op het creëren van AI-systemen die werkelijk in dienst staan van de gebruiker.
Kernbegrippen
- Resonant Computing
- Technologie ontworpen voor vertraging en verdieping in plaats van aandachtskapitalisatie en eindeloos scrollen.
- Aandachtskapitalisatie
- Bedrijfsmodel waarbij gebruikersaandacht wordt gemaximaliseerd voor commercieel gewin.
- Prosociale technologie
- Software die verbinding en samenwerking tussen gebruikers bevordert zonder verborgen agenda's.
- Contextuele aanpassing
- AI-systemen die zich dynamisch aanpassen aan individuele situaties, vragen en gebruikersbehoeften.
Wat er gezegd wordt
De meeste apps trekken aan mijn aandacht, duwen me van link naar link en laten me achter met een vaag gevoel van onrust.
Joop SnijderWat als onze software ons zou uitnodigen om te vertragen in plaats van te scrollen, wat als technologie ons niet zou vervreemden van onszelf, maar dichterbij zou brengen.
Joop SnijderTranscript
Hoi, welkom bij AIToday Live. Mijn naam is Joop Snijder, CTO bij Aigency. En ik ga je vertellen vandaag waarom ik een manifest heb ondertekend. Denk even terug aan de laatste keer dat je ergens binnenliep en je direct op je gemak voelde. Misschien was een oud café met houten tafels en kaarslicht of een bibliotheek met hoge ramen en diepe stoelen. Sommige ruimtes nodigen je uit om te vertragen om je aandacht te verdiepen om een beetje meer jezelf te zijn. En nu denk ik aan mijn scherm, aan de apps die ik dagelijks gebruik. De meeste daarvan doen precies het tegenovergestelde. Ze trekken aan mijn aandacht, ze duwen me van link naar link en ze laten me achter met een vaag gevoel van onrust. Deze week heb ik daarom een manifest ondertekend, namelijk het Resonant Computing Manifesto. Dat is geschreven door een groep technologen, ontwerpers en denkers die zich afvragen wat als onze software ons zou uitnodigen om te vertragen in plaats van te scrollen, wat als technologie ons niet zou vervreemden van onszelf, maar dichterbij zou brengen. Want er is soms best wel een probleem met de huidige technologie. De schrijvers van het manifest stellen iets vast dat we allemaal denk ik wel herkennen. Ze beschrijven feeds die ontworpen zijn om onze aandacht te kapen. Platforms die steeds meer onderdelen van ons leven innemen. Dus transport, werk, eten, daten, entertainment. Bij elke transactie halen ze een beetje warmte en diepte weg. En de meeste mensen die deze producten bouwen, die zijn echt niet slecht of kwaadaardig. De meeste zijn begonnen met oprechte bedoelingen. Ze wilden de wereld misschien wel beter maken. Maar de prikkels en culturele normen van de tech-industrie zijn samengegroeid rond de logica van hyperschaal, hyperscale. Groei boven alles. Gebruikers maximaliseren engagement optimaliseren. De zakelijke resultaten zijn onmiskenbaar. Maar de gevolgen voor ons als mensen ook. Daarom stellen deze schrijvers resonantie als alternatief. Het manifest haalt inspiratie uit het werk van Christopher Alexander. Ik moet je eerlijk zeggen: die naam zijn mij niet, maar zijn ideeën blijken invloedrijk. Alexander was een architect die zijn hele carrière wijde aan één vraag. Waarom voelen sommige gebouwen levend aan, terwijl anderen ons verdoven. Hij zocht naar wat hij noemde de kwaliteit zonder naam. Dat intuïtieve weten dat een plek in harmonie is met het leven. Het gevoel dat je welkom bent. De schrijvers van het manifest noemen dit resonantie. Het is de ervaring van iets tegenkomen dat aansluit bij je diepere waarde een vonk van herkenning en een uitnodiging om je te verdiepen. En dat is toch echt wel anders dan de digitale junkfood van nu. En AI zou je best wel eens een puzzelstukje kunnen zijn. Jarenlang hebben we naar software eigenlijk hetzelfde gekeken. Om miljoenen mensen te kunnen bedienen, moest je één oplossing bouwen die voor iedereen werkte. Denk aan een webshop die voor elke bezoeker het exact hetzelfde uitziet. Of een formulier dat precies dezelfde vragen stelt ongeacht wie je bent of wat je nodig hebt. De uitzonderingen de speciale gevallen de mensen die net iets anders nodig hadden. Die vielen buiten de boot. Dat was gewoon te duur om daarvoor te bouwen. Het resultaat ken je websites die je dwingen in hokjes dat je in de hokjes pas klantenservice die je door eindeloze keuzemenu's jagen. Software. Die voelt alsof het niet voor jou gemaakt is. En dat klopt ook omdat het ook niet is. Het is gemaakt voor de gemiddelde gebruiker. En uiteindelijk niemand is gemiddeld. AI kan dit veranderen. Voor het eerst kan software zich aanpassen aan jouw situatie, jouw vraag, jouw context. Dus niet handmatig geprogrammeerd voor elk scenario, maar meer lerend en meebewegend. Want personalisatie hoeft echt geen luxe meer te zijn voor de happyview. Dit verklaart waarom onze digitale wereld lijkt op de steriele verdovende architectuur, waar Alexander tegen vocht de one size fits all. Neem het maar zoals het is. En hopelijk verandert AI die dynamiek. Het manifest dat beschrijft een soort van kruispunt. Ongeacht welk pad we kiezen de toekomst van computing wordt hypergepersonaliseerd. De vraag is alleen: werkt die personalisatie om ons passief aan schermen geplakt te houden of stelt het onze staat om meer aandacht te geven aan wat er toe doet. Om een andere toekomst te bouwen, moeten we durven afwijken van wat de techsector normaal vindt. Hier gaat echt groei boven alles, gebruikers maximaliseren. En die aannames die zitten echt wel diep. We kunnen best keuzes maken die soms haak staan op wat iedereen doet. En dat klinkt misschien abstract. En daarom hebben de schrijvers vijf principes geformuleerd als een soort van startpunt. Het eerste principe noemen zij privé. In het AI-t-perk heeft wie de context beheerst de macht. Data heeft vaak meerdere belanghebbenden, maar mensen moeten de eerste beheerders zijn van hun eigen context stellen zij. Dus jij bepaalt hoe de data wordt gebruikt. In de eerdere aflevering hebben we besproken hoe verschillende versies van ChatGPT omgaan, bijvoorbeeld met gebruikersdata. En de vraag wie eigenaar is van je input, is dan niet triviaal. Het manifest stelt dat die eigenaarschap bij jou hoort te liggen. Het tweede principe is wat zij noemen toegewijd, dedication. Software moet uitsluitend voor jou werken. Het moet contextuele integriteit waarborgen. Helemaal mond vol. Wat betekent dat dat datagebruik aansluit bij jouw verwachtingen. En je moet erop kunnen vertrouwen dat er geen verborgen agenda's of conflicterende belangen zijn. Dus denk aan het verschil tussen een assistent die voor jou werkt en een assistent die betaald wordt om jouw producten aan te smeren. Dat maakt uiteindelijk alles uit. Derde principe. Derde principe noemen zij meervoudig. Geen enkele entiteit zo de digitale ruimtes die we bewonen mogen beheersen, zeggen zij. Dus gezonde ecosystemen vereisen verspreide macht, interoperabiliteit en betekenisvolle keuze voor deelnemers. Het vierde principe is aanpasbaar. Software moet flexibel zijn en kunnen meegroeien. Dus in staat zijn om de specifieke behoeftes in te vullen van elke persoon die het gebruikt. Dus niet één sjabloon voor iedereen, maar technologie die zich vormt naar jou. Het vijfde, de laatste noemen zij prosociaal. Prosociaal. Technologie zou verbinding en coördinatie mogelijk moeten maken. Het zou ons moeten helpen, betere buren, samenwerkingspartners en beheerders te worden van gedeelde ruimtes. Dan stellen zij online en offline. Waarom heb ik nou dit manifest ondertekend? Ik heb het ondertekend omdat ik geloof dat we als makers en gebruikers van technologie best wel de richting kunnen bepalen niet passief ondergaan, maar actief vormgeven. In de eerdere aflevering over transparantie in AI hebben we besproken dat transparantie bijvoorbeeld veel vormen kent, van datatransparantie tot procestransparantie. En dit manifest vraagt om een andere vorm van transparantie, namelijk transparantie over wiens belangen de software dient, wiens belangen de AI dient. De ondertekenaars van dit manifest zijn geen onbekenden. Ze had een hele lijst van mensen. Eén die ik aardig vindt, is Simon Willison. Zijn blog. Die haal ik je ook wel regelmatig aan in deze podcast. Dit zijn mensen die de techindustrie van binnenuit kennen en die zich afvragen of we niet een andere koers kunnen varen. Misschien denk je nu van ja, dit klinkt allemaal wel mooi, maar wat betekent het nou voor mij concreet. Laat me een poging wagen. Als je namelijk een AI-oplossing implementeert in je organisatie, vraag jezelf dan af in wiens dienst werkt deze technologie? Dient het de gebruiker of dient het een ander belang dat toch eigenlijk wel verhuld blijft. Als je een platform kiest, vraag dan naar de dataprincipes. Wie beheert de context kun je erop vertrouwen dat er geen verborgen agenda's zijn. En als je zelf bouwt ontwerp dan voor resonantie. En dat betekent bouw technologie waarbij mensen zich naar gebruik beter voelen en niet leger. Dus bouw geen systemen die aandacht kapen, bouw systemen die uitnodigen tot verdieping. Dit manifest is geen eindpunt. Het is een startpunt voor een gesprek, zeggen zij. De schrijvers delen naast het manifest namelijk een groeiende lijst van principes en stellingen. Sommigen komen uit hun eigen ervaringen, anderen komen van mensen uit de praktijk in de industrie. En als deze visie nou bij je resoneert, nodigen ze je uit om aan te sluiten. En niet alleen als ondertekenaar, kan natuurlijk wel. Maar ook als bijdrager, waarbij je je expertise of je kritiek of je eigen stellingen allemaal kan toevoegen. Je vindt het manifest op resonantcomputing.org. De link staat in de shownotes. Kijk er eens goed naar. Ik vind het in ieder geval een goed idee. Maar bedenk, AI is niet de oplossing voor elk probleem, maar onmisbaar waar het past. Tot de volgende keer bij AIToday Live: vergeet je niet te abonneren via je favoriete podcast app, dan mis je geen aflevering. Tot de volgende keer.