Alle afleveringen
S08E37 - Van regel naar algoritme: de menselijke kant van AI bij ABN AMRO
S08E37

Van regel naar algoritme: de menselijke kant van AI bij ABN AMRO

Seizoen 8 49 min Hosts: Joop Snijder & Niels Naglé
0:00

Wat leer je in deze aflevering?

Daniël Meel van ABN AMRO ontdekte dat AI-systemen voor witwasdetectie systematisch patronen misten - niet door slechte technologie, maar door menselijke vooroordelen in de trainingsdata. Criminelen bleven onder de radar omdat algoritmes leerden van eerdere menselijke beoordelingen vol bias. Hij ontwikkelde een aanpak die 2500 medewerkers trainde om hun eigen vooroordelen te herkennen en bespreekbaar te maken.

Bij ABN AMRO ging de detectie van complexe witwaspatronen omhoog door bias-testjes, diverse ontwikkelteams en maandelijkse gesprekken over blinde vlekken. Morgen kun je een bias-gesprek starten in je team met geanonimiseerde cases uit je eigen praktijk.

01
Speld in hooiberg probleem Financiële criminaliteit detectie verschilt van andere AI-toepassingen omdat 99% van transacties legitiem is. Validatie is complex omdat slachtoffers (maatschappij) zich niet melden. Oplossing: combinatie supervised en unsupervised learning voor anomalie detectie.
02
Human in control uitdaging Generatieve AI verschuift van detectie naar ondersteuning van analisten. Risico: van actieve beoordeling naar passieve review. Voorbeeld: informatie verzamelen gaat van handmatig naar AI-prefilling, maar menselijke expertise blijft essentieel.
03
Bias training op schaal 2500 medewerkers getraind in 1 jaar op vooroordelen herkenning. Methode: diverse teams, bewustwording testjes, geanonimiseerde casussen bespreken. 97% doorlooppercentage door structurele aanpak met ambassadeurs.
04
Validatie paradigma shift Klassieke modelvalidatie (reproduceren ontwikkeling) werkt niet voor Gen AI. Nieuwe focus: input data controle, output verificatie, non-technische assessments (privacy, ethiek, fundamentele rechten impact).

Kernbegrippen

Anomaliedetectie
Identificatie van ongebruikelijke patronen in transactiedata door combinatie van supervised en unsupervised learning-modellen.
Bias in AI-training
Onbewuste vooroordelen in trainingsdata en menselijke beoordeling die discriminatie in AI-systemen kunnen veroorzaken.
Validatie generatieve AI
Beoordeling van Gen AI-output op basis van datakwaliteit, verificatie en niet-technische aspecten zoals privacy en ethiek.
Human in control
Waarborging dat menselijke expertise en oordeel centraal blijven bij AI-ondersteunde besluitvorming in plaats van passieve review.

Wat gasten zeiden

Het is natuurlijk wel om te benadrukken, wij zijn een bank, wij hebben gewoon deze rol uit te voeren en we doen dat zo goed mogelijk. En daar willen we echt goed in zijn. Maar we weten ook dat de klanten, waar dan gaat het over het algemeen om die wij hiervoor hiermee contacten. Dat die daar ook een mening, een beeld, een gevoel bij hebben.

Over de spanning tussen banktaak en klantbeleving

Want het is natuurlijk wel om te benadrukken, wij zijn een bank, wij hebben gewoon deze rol uit te voeren en we doen dat zo goed mogelijk (...) Maar hoe meer stappen eigenlijk vervangen worden door AI agents, stapje voor stapje voor stapje, hoe meer jouw proces eigenlijk een aaneenschakeling van agents is. En dan is die human in de loop. Human in control vraag, dat is hele mooie.

Over de toekomst van menselijke controle

Wat kun je morgen doen?

  1. 1 Start bias gesprekken met stellingen en concrete casussen, agendeer bewust tijd (niet bij koffieautomaat)
  2. 2 Implementeer stapsgewijze AI adoptie waarbij processen herkenbaar blijven voor medewerkers
  3. 3 Zet in op diverse teams en kennisbehoud tijdens automatisering van junior taken

Interview: Daniël Meel

Daniël Meel
Daniël Meel Head of DFC Innovation & Design bij ABN AMRO Bank Bekijk gastprofiel →

Zou je jezelf even kort willen voorstellen?

Ik ben Daniël Meel en werk al 15 jaar bij ABN AMRO. De laatste jaren houd ik me bezig met de bestrijding van financiële criminaliteit. Mijn focus ligt vooral op hoe we het beter kunnen doen vanuit onze processen, ons beleid, maar ook vanuit de technologie. Ik richt me op de manier waarop we omgaan met de bestrijding van financiële criminaliteit, met aandacht voor de risico's en efficiëntie. Een van mijn teams houdt zich specifiek bezig met de ontwikkeling van artificial intelligence in dit domein. Dit is al jaren gaande, maar je merkt natuurlijk dat het thema de laatste tijd veel groter is geworden.

Wat is eigenlijk je achtergrond en hoe ben je terecht gekomen in het gebied van AI?

Ik heb gestudeerd in Twente, dus ik heb sowieso een technische achtergrond. Binnen de bank heb ik vervolgens eigenlijk altijd wel banen gehad waar de statistiek en de analytische kant belangrijk was. Ik ben in het begin modelleur geweest. Later heb ik ook altijd in mijn teams een analytische component gehad. Het heeft door de jaren heen natuurlijk continu anders geheten, wat er precies was. Het AI-stuk is door de jaren heen steeds wat meer of wat minder geworden, maar het is de afgelopen jaren natuurlijk heel erg booming. Binnen mijn huidige rol bij de bestrijding van financiële criminaliteit zie je dat het gaat om grote aantallen. Het gaat over transacties die klanten doen en de aantallen klanten zelf. Je hebt dus ontzettend veel data. En dan krijg je te maken met het spreekwoordelijke speld-in-de-hooiberg-probleem: hoe ga je nou nuttig werk doen, hoe ga je die financiële criminaliteit vinden, hoe ga je witwaspatronen herkennen, hoe ga je netwerken herkennen, enzovoort.

Hoe wordt dat traditioneel aangepakt binnen de bank?

Dit werd natuurlijk vooral gedaan door een aantal regels in te stellen. Maar eigenlijk al in het begin zeiden we: we moeten hier toch wat intelligenters op loslaten. Dan begin je met machine learning modellen. Dan ga je wat meer de complexiteit in, wat geavanceerder. En zo bouwt dat op. Een jaar of zes geleden zijn we begonnen met het neerzetten van het grootste deel van de detectiemodellen. Daar hebben we heel veel slagen in gemaakt. Maar de laatste jaren zie je vooral dat niet alleen de detectie een AI-machine learning component krijgt, maar juist ook als je handmatig werk aan het doen bent. Wat is dan de ondersteuning die je kunt krijgen? En dan komt meer die generatieve AI-kant naar voren.

Wat bedoel je precies met dat handmatige werk en hoe ondersteunt AI daarbij?

Met handmatig bedoel ik de mensen binnen onze afdelingen die kijken naar het gedrag van klanten. Is dit verdacht gedrag? En die daar een oordeel over vellen. Dat beoordelen. In dat werk komt natuurlijk heel veel onderzoekswerk terug. Je gaat naar de grote data kijken, je gaat datapunten verbinden. Je gaat kijken wat de zogenaamde modus operandi zou kunnen zijn - dat is de manier waarop criminelen te werk gaan. Dat is best wel heel moeilijk als je dat zelf gaat doen. De ondersteuning van technologie, zoals netwerkanalyse-tools die dat inzichtelijk maken, helpen daar enorm bij. En je ziet ook dat generatieve AI in staat is om al een heleboel daarvan vooraf goed neer te zetten.

Kan je iets meer vertellen over die netwerken waar je het over hebt?

Als ik het over netwerken heb in mijn veld, dan heb ik het vooral over hoe mensen zich kunnen verrijken door financiële criminaliteit. Je kunt bijvoorbeeld te maken hebben met BTW-carrousels. Dat is het oprichten van bedrijven en het rondpompen van geld en daarvan profiteren, omdat je uiteindelijk niks toevoegt aan de waardeketen, maar wel het geld rondpompt. Maar dat kun je niet heel goed zien met het blote oog. Dat kun je ook niet echt in een regel vatten. Daarvoor heb je eigenlijk algoritmes nodig en netwerkanalyses die laten zien hoe het met elkaar samenhangt. Dat is het type complexiteit waar wij dagelijks mee te maken hebben. Het kunnen transacties zijn die aan elkaar geketend zijn, maar het kan ook gaan om structuren, bedrijfsstructuren, eigendomstructuren. Op verschillende manieren kun je die netwerken in kaart brengen. En juist daarvoor zie je dat meer geavanceerde tools echt wel meerwaarde hebben.

Waar ligt de balans tussen wat AI doet en wanneer een onderzoeker of medewerker aan de slag gaat met de beoordeling?

Dat is zeker een belangrijke fase. Voorop gesteld: je moet een signaal hebben waar je op acteert. Dat kun je detecteren. En daarvoor heb je dan machine learning AI-algoritmes, de meer klassieke AI. Op die manier kies je eigenlijk welke casuïstiek je wilt gaan bekijken. Vervolgens train je die algoritmes om de juiste dingen te zien, dus om zo'n hoog mogelijk percentage te hebben aan nuttige signalen. Als zo'n signaal vervolgens daadwerkelijk materieel is of onderzoekswaardig is, dan komt daar een menselijke beoordeling bij kijken. Als analist die dat gaat beoordelen, moet je een heleboel informatie bij elkaar halen. Je hebt soms ook gewoon klantcontact nodig. In heel veel gevallen is het gewoon verklaarbaar gedrag natuurlijk. Maar dat onderscheid maken vergt kennis, maar het vergt ook heel veel opzoekwerk en informatie die je moet combineren.

Hoe ondersteunt generatieve AI jullie in dat onderzoeksproces?

Dat werk kent veel handmatige stappen. Dat zijn we dus stuk voor stuk aan het kijken: waar kun je ervoor zorgen dat je met generatieve AI al ondersteuning biedt? De makkelijkste vorm is een stukje prefilling vanuit andere bronnen - dus automatisch invullen van informatie uit verschillende databronnen. Maar je kunt daar natuurlijk ook verdere stappen in maken. We staan daar redelijk aan het begin. De eerste dingen zijn er, maar je ziet dat het optelt. Uiteindelijk verwacht ik dat heel veel van dit soort processen een aaneenschakeling van agents worden. Dus stappen die je in principe door AI-agents laat uitvoeren.

Jullie vervullen de rol van poortwachter. Wat betekent dat precies?

In het fraudegebied voeren wij, net als andere financiële instellingen, de rol van poortwachter uit. Zo heet dat in de wetgeving. De rol van poortwachter is inderdaad een menselijke beoordeling of hier mogelijk verdacht gedrag plaatsvindt. Wij zijn geen opsporingsdiensten. Dus vanuit onze taak is het melden van dingen die mogelijk verdacht zijn. Het is een verantwoordelijkheid die we heel serieus nemen, waarbij technologie ons helpt om effectiever te zijn, maar de uiteindelijke beoordeling blijft menselijk.

Hoe gaan jullie om met vooroordelen en bias in je AI-systemen?

Als je het een beetje uitzoomt: je traint die modellen. Die train je op het herkennen van patronen, maar dat doe je voor een deel ook met historische data. Die data wordt natuurlijk ook gevoed door wat wij eerder hebben beoordeeld. En in ieder mens zitten biases, vooroordelen. Dat betekent dat we daar ook ontzettend alert op moeten zijn. Alert zijn of we daar genoeg bewust van zijn. Want het is niet zo dat je naar een situatie zonder bias kunt gaan - dat is simpelweg onmogelijk. Maar je moet je er bewust van zijn en alles in het werk stellen dat het geen onderdeel is van je beoordeling uiteindelijk. Dat is moeilijk, maar dat is wel het doel wat hierachter zit.

Welke concrete maatregelen nemen jullie om bias tegen te gaan?

Daarvoor hebben we verschillende mogelijkheden. In die teams die algoritmes trainen, moeten hele diverse teams zitten. Dat is wel gewoon een vereiste bij ons. Omdat je elkaar dan scherp houdt. Als je overlegt in zo'n divers team, krijg je ook een beeld van: heb ik misschien toch een aanname gemaakt in de data die ik hiervoor gebruik, heb ik misschien toch een bepaalde keuze gemaakt. Dus dat doen we met het modelontwikkelingstraject. Maar daarnaast is het ook het überhaupt agenderen van het topic. Het bias-topic. Een van de dingen die wij bijvoorbeeld doen, is dat wij ook onze hele afdeling - dus ook de mensen die de beoordeling doen, die het klantcontact hebben - dat wij die ook trainen op dit gebied. De training gaat er in eerste instantie om: ben je bewust van je eigen biases? Dat is best wel confronterend.

Hoe train je 2500 mensen op zo'n gevoelig onderwerp als bias?

Vaak weet je je eigen biases niet eens. Er zijn wel testjes voor, en daar kun je van alles van vinden. Dus zeker geen absolute waarheid. Maar we beginnen vaak met het proberen om voor jezelf een van die testjes te doen, en er dan op te reflecteren. Daarnaast gebruiken we casuïstiek, geanonimiseerd uit de praktijk. We hebben als bank natuurlijk ook wel eens klachten gekregen. Die kun je oppakken en daarover praten: hoe kijk ik daarnaar, waar komt het op mij over. Dan begint dat gesprek. Dit doen we over alle mensen die hier aan werken. Vorig jaar hebben we dit ingezet en inmiddels heeft ongeveer 97 procent van onze 2500 medewerkers deze training gevolgd. Dit geeft aan hoe serieus we het nemen dat je je bewust bent van je biases, maar ook dat je het gesprek erover durft te hebben en dat je durft te challengen.

Hoe houden jullie dit onderwerp levend na zo'n trainingsprogramma?

Dat is natuurlijk de vraag na zo'n programma: hoe hou je het vast? We hadden daar recent nog een bijeenkomst over met alle facilitators. Daar kwamen allerlei ideeën naar voren. Want het is natuurlijk ontzettend belangrijk om de discussie gaande te houden. Je lost het namelijk niet op, het is niet meetbaar. Laten we dat voorop stellen. Er zijn signalen meetbaar, maar het is niet een meetbaar of tastbaar onderwerp uiteindelijk. We overwegen bijvoorbeeld om elke maand een stelling te hebben of een geanonimiseerde of fictieve casuïstiek te bespreken, zodat je toch iedere keer weer even die bewustwording erin hebt. Dit gaat door alle teams heen - niet alleen teams met klantcontact, ook teams die trainingen ontwerpen en teams die AI-algoritmes trainen.

Gebruiken jullie ook een Fundamental Rights Impact Assessment (FRIA)?

We gebruiken inderdaad alles wat eindigt op IA - Impact Assessment. Ik denk dat we moeten zeggen dat dingen vaak nog best wel ver in ontwikkeling zijn. Maar opgeteld doen we altijd fairness en bias tests. We doen altijd de vraagstukken over of dit in het belang is van de klant, belangenafweging. Ook op privacygebied. Dat doe je op verschillende factoren. Je kijkt naar welke data je überhaupt gebruikt en of dat rechtstreeks te linken is aan het doel wat je ermee hebt. In mijn domein, financiële criminaliteit, als je een bepaald type criminaliteit wilt detecteren, dan moeten die datapunten ook daadwerkelijk te linken zijn - vanuit de literatuur of vanuit een vorm van bewijslast uit het verleden - aan hetgene je aan het opsporen bent. Dat is de inputkant. Dan de algoritmeselectie, waar je een keuze in maakt. En dan natuurlijk ook aan de outputkant: komt eruit wat je verwacht en kun je het daarmee ook verantwoorden?

Wat maakt de inzet van generatieve AI anders dan klassieke machine learning?

Wat het vooral anders maakt is in eerste instantie de toepassing. De toepassing van generatieve AI zit niet heel sterk in de detectiekant. Het zit veel meer in het transcriberen van informatie, informatie eruit halen, informatie verzamelen, informatie op een plek brengen. Echt waar die large language models in eerste instantie voor bedoeld zijn. Ik denk dat het nog maar het allereerste begin is. Maar waar het verschil zit, is dat het heel snel grenst aan: wanneer is het een model wat jou een richting op duwt, of wanneer helpt het model jou en ben jij nog steeds degene aan het sturen? De human in the loop. En omdat die generatieve AI-algoritmes natuurlijk anders zijn qua opzet, is de situatie van wat komt er precies uit en kan ik dat helemaal reconstrueren nog wel eens wat diffuus.

Wat zijn de risico's van de human in the loop als AI steeds meer taken overneemt?

We weten ook dat, als we de tijd een beetje vooruit draaien, nu nog iemand de uitkomst corrigeert. Het overtypen van informatie doet ook nog iets met de manier waarop je erover nadenkt. Dat je, als je dat bewerkt, je beeld ervan beter wordt, of in elk geval dat je er zelf actiever over nadenkt. Maar hoe meer je in een reviewrol komt, hoe verder je ervandaan staat, hoe eerder je misschien ook geneigd bent aan te nemen en niet alles checkt, dat dit correct is. Human in the loop suggereert dat we human in control zijn. Dat is wat soms een beetje verwatert, zeker als dingen goed blijven gaan. Het verschil tussen degene die verantwoordelijk was voor een proces en degene die verantwoordelijk was voor de modellen, dat was logisch, want dat was op competentie, op vaardigheid. Maar hoe meer stappen vervangen worden door AI-agents, stapje voor stapje voor stapje, hoe meer jouw proces eigenlijk een aaneenschakeling van agents is. En dan is die human in the loop, human in control vraag heel belangrijk.

Hoe zie je de toekomst van deze ontwikkeling?

Op dit moment is overal human in de loop. Maar het is wel de vraag hoe dat over een aantal jaar is. Zeker als we zeggen dat agents heel veel werk over kunnen gaan nemen, heb je straks een hele vloot aan agents. Dan is degene die alles wist van modellen en degene die alles wist over hoe je dat proces uitvoert steeds meer één persoon geworden. Dat kan niet anders eigenlijk. Maar dat is een significante verandering van denken in dit soort patronen, een hele andere functieopbouw. Ik vertel dit nu niet per se omdat we er als bank heel erg druk mee bezig zijn, maar wel als je een paar jaar vooruit denkt hoe die beweging nu is, is dat natuurlijk een interessante ontwikkeling.

Validatie is bij jullie ook anders dan bij veel andere AI-toepassingen. Wat maakt dat zo specifiek?

Het verschil met witwassen is: wie is degene die er last van heeft? De maatschappij. Maar de maatschappij steekt vaak niet zijn vinger op van: ik heb hier nu echt last van. Bij heel veel andere toepassingen zit je eigenlijk in enen en nullen. Je hebt een uitkomst goed en een uitkomst niet goed. Binnen de bank zijn we natuurlijk veel bezig met financieren. Dan heb je dat voorspelmodel: je betaalt je lening wel of niet terug. Maar bij al deze klanten, alle transacties, daar is vrijwel alles goed. Het is echt de speld in de hooiberg hier, dat is een heel klein percentage. Alles wat je niet verdiept in - of het wel goed of niet goed is - heb je geen antwoord op. Modeltechnisch is dat een interessante situatie. Bij andere toepassingen, als je dacht dat iemand niet zou terugbetalen of wel, word je uiteindelijk geconfronteerd met de uitkomst. Met witwassen is het niet zo dat iemand zijn vinger opsteekt met: je had mij niet gedetecteerd, maar ik heb het wel gedaan. Dat is modelmatig een verschil, omdat je maar een kleine set uiteindelijk bekijkt.

Hoe pakken jullie dat aan met supervised en unsupervised learning?

Daarom gebruiken wij ook niet alleen supervised learning, dus het leren van historie, maar trainen wij ook algoritmes op unsupervised anomaly detectie. Dit is het detecteren van afwijkingen zonder vooraf te bepalen wat je zoekt. Omdat je anders in die tunnel terechtkomt en je trends ook later ziet. Je wilt ook nieuwe patronen kunnen ontdekken die je historisch nog niet gezien hebt.

Hoe wordt validatie steeds ingewikkelder met generatieve AI?

Validatie wordt steeds ingewikkelder, zeker als je met generatieve AI gaat werken. Maar ook omdat de wereld om je heen ook AI gebruikt. Dus jouw informatievoorziening is ook deels gebaseerd op AI-uitkomsten. Ook wat van buitenaf wordt aangeleverd. De optelsom in die keten wordt steeds groter. Dan is de vraag: hoe kun je dat goed doen? Dan kom je steeds meer uit op meer verantwoording over de data die je gebruikt in de input en de outputcontroles eigenlijk. Van: komt eruit wat we verwachten wat eruit komt? Die verandering is significant anders dan wat we eerder hadden met gewone machine learning modellen, waar je gewoon een ontwikkelaar hebt en iemand die onafhankelijk checkt: dit is wat je erin hebt gestopt, dit heb je gekozen, dit is uitgekomen, ik kom op hetzelfde of ik heb wat aanbevelingen. Dat is significant anders en significant moeilijker op dit moment in tijd.

Wat worden dan de nieuwe validatiecriteria?

Ik denk dat er een verandering gaat plaatsvinden. Deze zijn technische discussies, maar ik denk dat het dus veel meer naar de niet-technische kant gaat. Als je het over generatieve AI en de doorontwikkeling hebt, dan gaat het over: hoe zitten je contracten met leveranciers in elkaar? Hoe zit het met de privacy van gegevens? Hoe weet je dat die uitkomstchecks, uitkomstcontroles, dat je die goed doet? Dat soort dingen. Ik denk dat validatie veel meer over die controles gaat hebben, in plaats van wat we van origine vooral deden: het reproduceren van modelontwikkeling.

Hoe zie je de samensmelting van verschillende technologische trends?

Er zijn zoveel technologische trends die laagdrempelig zijn en daardoor snel gebruikt worden nu, maar nog niet zo volwassen. Als je een aantal daarvan optelt, dan wordt dit heel interessant. Ik heb het over die AI-agents. Maar een AI-agent kan natuurlijk ook gebruik maken van informatie van buiten. Stel dat mensen wallets hebben waarin informatie zit, en steeds meer. Het CBR heeft aangekondigd dat de rijbewijzen vanaf 2030 in die wallet komen. Je krijgt digitale identiteiten die dezelfde waarde als een paspoort toegedicht krijgen. Als je die optelsom maakt: die wallets worden groot. Als je als klant accepteert dat het bedrijf waarmee je werkt, of je bank, informatie uit je wallet mag gebruiken - je kunt elke keer opnieuw consent geven - dan kan een AI-agent op een gegeven moment informatie ophalen. Daarnaast heb je ook nog steeds meer mogelijkheden om data te delen op privacy-enhanced manieren. Bekende dingen zijn secure multiparty computation, dus dat je eigenlijk data deelt zonder te delen totdat de security codes zijn vrijgegeven.

Wat betekent die convergentie voor de toekomst?

Als je dit soort trends alle drie bij elkaar optelt, dan heb je AI-agents die een proces besturen. Die koppel je aan informatie die de klant heeft in een wallet, wat gestandaardiseerd gaat bestaan. En je koppelt het aan het feit dat je informatie kunt delen waar dat mag en toegestaan en gecontroleerd is met privacy-enhanced tooling. Dan gaan we het over validaties hebben, en dat wordt heel interessant. Dit zijn puur een combinatie van ontwikkelingen nu, maar ik zit dan wel zelf vooruit te denken de komende jaren. Dit zijn de echte vraagstukken waar het straks om gaat: waar is mijn data, hoe kan ik... En ik hoop dat we overal client consent in kunnen houden, vanuit die wallets en vanuit die ontwikkelingen. Maar dat zijn wel essentiële vraagstukken aan het worden. Hoe valideer je dan dat je de juiste informatie hebt, dat het veilig is, dat je de juiste conclusies kunt trekken?

Ben je optimistisch of pessimistisch over deze AI-ontwikkelingen?

Ik ben beide, denk ik. Met AI zie ik heel veel mogelijkheden, ik ben de optimist. Maar ik ben ook gelijk degene die denkt: we zijn ook wel bezig met een heel risicovol globaal experiment met z'n allen. Ik denk niet dat de ontwikkeling te stoppen is, en dat moeten we ook niet willen. Het is een ontwikkeling waar volgens mij iedereen voelt dat daar heel veel waarde voor de maatschappij in zit, in allerlei vlakken. Maar je moet wel iedere keer even die sceptische pet opzetten: wat gebeurt hier nu, kan ik uitleggen wat er uiteindelijk gebeurt? En daar heb ik het gevoel dat als dit voldoende is voor nu wat we aan het doen zijn, en als we die terughoudendheid ook echt betrachten daarin, dat we dan goed bezig zijn.

Wat zijn je tips voor de optimisten om kritisch te blijven?

Ik denk vooral: vraag jezelf niet zozeer een bepaalde vraag, maar vraag je iedere keer af - de meeste optimisten gaan ervan uit, en dat is in een heel hoog percentage ook terecht, dat als je gewoon alle waarborgen in acht neemt, de uitkomst is wat je verwacht. Maar vraag jezelf nou eens af, andersom: als 99 procent goed is, is 1 procent fout. Over hoeveel situaties hebben we het dan? En dat is één stap in de keten. Als je de tweede stap pakt, nog een keer die 1 procent. En dan gaan we door en gaan we door. Hoeveel stappen heb je nodig om te komen tot een situatie waarin je zegt: dit vind ik best wel een grote foutmarge? Als je dat iedere keer jezelf afvraagt - dus hoeveel schakels zitten er in de keten met een foutmarge en kan ik daar nog achter staan, en durf ik dan ook te bewijzen dat dat zo is - dan is dat altijd wel een goede bewustwording. Het gaat voor mij altijd om bewustwording.

We zien nu dat vooral junior banen worden vervangen door AI. Wat zijn de gevolgen daarvan?

Wat we onderschatten, denk ik - en je ziet de eerste statistieken nu al een beetje ontstaan - is dat we startersbanen, juniorbanen aan het vervangen zijn. In de IT-kant, in de logistiek, in de operationele administratieve kant, overal. De vraag is wel: als je in de reviewrol zit als senior en je reviewt de uitkomst van het systeem, dat zal de komende jaren best wel goed gaan, want het lijkt heel erg op wat we daarvoor hebben getraind door diezelfde mensen. Dus uiteindelijk zal dat aan het begin redelijk goed gaan. Maar vervolgens is de vraag: hoe is die doorstroom dan? Wie is de nieuwe senior? Eigenlijk is het een maatschappelijk vraagstuk ook. Hoe leren we? Hoe leiden we op? En dat geldt ook in de volle breedte. Hoe leiden we mensen op tot de human in de loop of human in control? Hoe komen we daar? En dat gaat zo ontzettend snel nu, die ontwikkeling, dat ik daar wel echt denk: als je het hebt over wat zijn de risico's hierop en wat onderschatten we, ik denk dat we dit stuk een beetje aan het onderschatten zijn met z'n allen.

Wat zouden we kunnen doen aan opleidingen en kennisontwikkeling?

Ik denk dat regelgeving, het traject waarop we regelgeving tot stand brengen, haaks staat op de snelheid waarin AI zich ontwikkelt. De kans dat we dat de komende jaren een beetje in balans komt, lijkt me best wel ingewikkeld. Je zou naar een soort design principles moeten, dus naar een aantal uitgangspunten, een aantal principes. En één daarvan zou moeten zijn dat je ook een plan hebt voor hoe je opvolging doet van mensen die het systeem begrijpen. Hoe je dat kunt doen? Voor een deel zal dat natuurlijk vanuit veel opleidingen uiteindelijk wel die kant opwerken. Maar ook bedrijfsopleidingen zullen hier echt aandacht aan moeten besteden. Wat doen al die schakels in een proces, kan ik nog uitleggen waar dat vandaan komt oorspronkelijk? Het is uiteindelijk kennisintensief werk wat vervangen wordt nu. Dat was in veel technologische ontwikkelingen net iets anders, maar nu wordt ook kennisintensief werk vervangen. Dat betekent niet dat de kennis daarmee weg zou mogen zijn - die kennis moet juist geborgd zijn. De kennisborgingsvraag wordt een van de essentiële elementen.

Jullie hebben in korte tijd 2500 mensen getraind. Wat zijn je tips voor andere bedrijven die een AI-adoptieprogramma opzetten?

We hebben best wel de reis doorlopen. We zijn begonnen met het idee: als je iets vervangt, dan moet je het zo doen dat het gevoelsmatig niet een hele grote stap is. Dat klinkt misschien een beetje gek, maar dat de uitkomst van een model eigenlijk weer teruggeleid wordt naar: wat was ook weer de reden om ernaar te kijken? Dan maak je het redelijk lineair eigenlijk. Dat was voor ons een van de best wel succesvolle tussenstappen. Daarnaast is het toch uiteindelijk veel kleine stapjes en communicatie. Ik denk dat we nog steeds vooral zitten op het verbeteren en het vervangen van schakels in een proces, waardoor het proces herkenbaar blijft. Je komt zo meteen natuurlijk wel op een kantelpunt waarbij je gaat zeggen: eigenlijk is het niet logisch meer wat we doen. Dan wordt het ingewikkelder. Maar vooral de herkenbaarheid houden en de expertise - we hebben heel erg ingezet op benadrukken hoe belangrijk expertise is. Want voorlopig is dat altijd nodig. Deels kun je dat misschien - daar kan AI een rol voor spelen - maar je zult toch in je organisatie kennis moeten behouden. Dus blijven inzetten op de kennis die je nodig hebt en stapje voor stapje, herkenbare processen blijven. We hebben ook niet de wijsheid in pacht, maar dat is wel wat ik heb geleerd van de afgelopen zes jaar.

Wat zou je zeggen tegen critici die vinden dat AI een black box is en te ondoorzichtig voor zoiets belangrijks als financiële criminaliteit?

Uiteindelijk wil je heel graag verklaren wat het algoritme doet. Maar op het moment dat je kunt verklaren waarom de output van het algoritme past bij de bedoeling die je erachter had... Als iemand met een sporttas cash bij de bank komt - dat heb je bijna niet meer bij banken, maar dat was het klassieke voorbeeld - daar hoef je geen AI voor te gebruiken om te denken: ik ga een extra vraag stellen waar het vandaan komt. Op het moment dat je moeilijkere patronen hebt, dan is het vooral de vraag: wat is je modus operandi, wat zijn dan de onderzoekswaardige situaties, en relateert dat aan elkaar? Waar je vroeger dan probeerde alle logica daarachter helemaal uit te schrijven en te begrijpen, zal dat steeds iets minder zijn, zolang je maar die feedbackloop hebt zitten en kunt uitsluiten dat daar echt ongewenste discriminatie plaatsvindt. Het gaat er niet om dat je elk detail van het model kunt uitleggen, maar wel dat je kunt verantwoorden dat het doet wat het moet doen en dat er geen ongewenste effecten optreden.

Wat wil je de luisteraar meegeven over het omgaan met vooroordelen en bias?

Als ik kijk naar mijn ervaring, het meest nuttige is het gewoon uitspreken en in gesprek gaan. Dat klinkt heel simpel en heel soft, dat realiseer ik me heel goed. Maar in elk gesprek wat ik tot nu toe daarover gehad heb, komen weer dingen naar voren. Want iedereen heeft wel iets meegemaakt. Dat kan op alle vlakken zijn. Het hoeft ook niet werkgerelateerd te zijn om het gesprek te openen. Het gaat uiteindelijk heel vaak ook over communicatie, dat je elkaar niet goed begrijpt. Of dat je met een aanname zit over de ander en die verweeft in... Het kan op allerlei vlakken zijn. Stel je kwetsbaar op en ga het gesprek aan. Dat is toch echt de belangrijkste tip. Probeer ook om je heen te kijken: zijn er mensen waarvan ik denk, die begrijp ik misschien niet zo heel goed? Vraag dat ook een keer. Want dat is superbelangrijk. Ik stel mijn teams ook heel bewust divers samen, omdat ik gewoon weet dat je dan uiteindelijk een mooie dialoog aangaat en hele mooie gesprekken krijgt. En krijg je veel perspectieven. Het is niet per se hoe meer hoe beter, maar het helpt heel erg in dingen verklaren, goede overwegingen maken in wat je wel en niet met modellen oplost of op allerlei terreinen. Het is een hele simpele tip, maar: agendeer het een keer.

Hoe begin je zo'n gesprek concreet met een collega?

Wij hebben gedaan dat we met een aantal stellingen begonnen. Wat je kunt doen, is dat je er wel even een moment voor pakt. Want het is best wel lastig bij het koffiezetapparaat om een vrijwillig willekeurige zin erin te gooien. Zeker als het over discriminatie gaat, wat het onderwerp is, wil je daar toch serieus mee aanvliegen om er iets goeds uit te halen. Dus agendeer het wel een beetje, zou ik zeggen. Begin met een paar stellingen. Je kunt ChatGPT gebruiken - die heeft vast een paar hele leuke gespreksstarters waarbij je begint met een stelling en een situatie, een casuïstiek. Daar kun je echt heel makkelijk aan komen. Het helpt ook om iets op te zoeken wat eigenlijk zo voor de hand ligt, waar iedereen wel een beeld bij heeft, een beetje tot het extreme trekken. Dus standaardbeelden, om die eens op tafel te leggen. En dan eigenlijk te zeggen: zo dachten we er vroeger over, hoe denken we over andere onderwerpen waar we het eigenlijk ook eens met elkaar over moeten hebben? AIToday Live is een podcast die zich richt op de nieuwste ontwikkelingen in AI en de impact ervan op verschillende sectoren. In elke aflevering spreken hosts Niels Naglé en Joop Snijder met experts uit het veld om inzicht te krijgen in de mogelijkheden en uitdagingen van AI-technologie. Luister via je favoriete podcast app: Spotify, Apple podcasts, YouTube Music, en meer.

Over de gast

Daniël Meel
Daniël Meel
Head of DFC Innovation & Design bij ABN AMRO Bank

Daniël Meel werkt al 15 jaar bij ABN AMRO en houdt zich de laatste jaren bezig met de bestrijding van financiële criminaliteit. Hij richt zich op het verbeteren van processen, beleid en technologie binnen dit domein, waarbij hij verantwoordelijk is voor risicobeheer en efficiëntie. Een van zijn teams ontwikkelt AI-oplossingen voor de detectie van financiële criminaliteit, een gebied waar hij door zijn technische achtergrond en analytische ervaring als modelleur natuurlijk in terecht is gekomen.

Bekijk gastprofiel

Transcript

Daniël Meel werkt al 15 jaar bij ABN AMRO, de laatste jaren binnen de bestrijding van financiële criminaliteit. In deze aflevering vertelt hij, hoe zijn team AI-inzet om analisten te ondersteunen bij het beoordelen van verdacht gedrag. Want, als poortwachter, heb je te maken met enorme hoeveelheden data en de spelt in de hooiberg vinden, doe je niet meer met alleen regels. Laat we luisteren naar het unieke verhaal van Daniël. Joop: Leuk dat je weer luistert naar een nieuwe aflevering van AIToday. Joop: Mijn naam Joop Snijder, van Aigency Info Support. Niels: En mijn naam Niels Naglé, Area Lead Data & AI bij Info Support. Joop: En in de studio Daniël Meel. Joop: Daniël, fantastisch dat je wilde komen, zou je jezelf even kort willen voorstellen. Daniël: Dank voor jullie uitnodiging, Niels en Joop. Daniël: Ik ben Daniël Meel. Daniël: Ik ben werkzaam bij ABN AMRO, al 15 jaar inmiddels. Daniël: En de laatste jaren binnen het financiële criminaliteit, de bestrijding van financiële criminaliteit. Daniël: En voornamelijk hou ik me bezig met hoe we het beter kunnen doen vanuit onze processen, ons beleid, maar ook vanuit de technologie, de manier hoe we hoe we omgaan met de bestrijding ervan. Daniël: De risico's, de efficiëntie, dat soort zaken. Daniël: En de link met AI is vooral dat een van mijn teams echt druk bezig is met ontwikkeling van artificial intelligence in dit domein, maar we doen dit al jaren en je merkt natuurlijk dat het veel groter wordt. Joop: Wat is eigenlijk je achtergrond? Joop: Hoe ben je zelf terecht gekomen in het gebied van AI? Daniël: Misschien moet ik gestudeerd in Twente. Daniël: Dus je hebt sowieso een technische achtergrond. Daniël: Vervolgens binnen de bank heb ik eigenlijk altijd wel banen gehad waar de statistiek, de analyse kant belangrijk was. Daniël: Ik ben modelleur geweest in het begin. Daniël: Later ook altijd in mijn team een analytische component gehad. Daniël: Of het heeft door de jaren heen natuurlijk continu anders geheten, wat er precies was. Daniël: En het AI-stuk, dat is natuurlijk door de jaren heen steeds wat meer wat minder geworden. Daniël: Maar het is natuurlijk de afgelopen jaren heel erg booming. Daniël: Hoe ben ik hier gekomen? Daniël: Vervolgens ben ik bij de financiële criminaliteit beland bij binnen de bank. Daniël: En binnen die rol dan zie je dat er gaat om grote aantallen. Daniël: Het gaat over transacties van die klanten doen, het gaat over de aantallen klanten. Daniël: Dus je hebt ontzettend veel data. Daniël: En hoe ga je nou, dat is een beetje die spelt in de hooiberg: hoe ga je nou nuttig werk doen. Daniël: Hoe ga je nou die financiële criminaliteit vinden? Daniël: Hoe ga je nou het witwaspatronen herkennen? Daniël: Hoe ga je naar netwerk herkennen, hoe ga je enzovoort. Daniël: En dat werd vanuit natuurlijk vooral gedaan door een aantal regels in te stellen. Daniël: Maar eigenlijk al in het begin zeiden we van ja, we moeten hier toch wat intelligenters op loslaten. Daniël: En dan begin je met je machine learning modellen. Daniël: Dan ga je wat meer de complexiteit in het geavanceerder. Daniël: En zo bouwt dat op. Daniël: We hebben een jaar of zes geleden we begonnen met het grootste deel van de detectiemodellen neerzetten. Daniël: Daar kan ik van alles over vertellen, daar hebben we heel veel slagen in gemaakt. Daniël: Maar de laatste jaren zie je natuurlijk vooral dat niet alleen de detectie en meer een AI machine learning component krijgt, maar juist ook als je handmatig werk aan het doen bent. Daniël: Wat is dan de ondersteuning die je kunt krijgen. Daniël: En dan komt meer die GAI-kant naar voren. Daniël: Wat bedoel je met handmatig de mensen binnen de mensen binnen onze afdelingen die kijken naar het gedrag van klanten, is dit verdacht gedrag en die daar een oordeel over vellen. Daniël: Dat beoordelen. Daniël: En in dat werk, daar komt natuurlijk heel veel onderzoekswerk in terug. Daniël: Dus je gaat naar de grote data kijken, je gaat datapunten verbinden. Daniël: Je gaat kijken wat zouden de dat noemen we vaak de modus operandi kunnen zijn. Daniël: En dat is best wel heel moeilijk als je dat zelf gaan doen. Daniël: En die ondersteuning van die technologie, dus die netwerkanalyses tools die dat inzichtelijk maken. Daniël: die helpen daar enorm bij. Daniël: En je ziet ook dat generatieve AI ook in staat is om al een heleboel daarvan vooraf goed neer te zetten. Joop: Kan je mij iets vertellen over die netwerken? Joop: O wat voor. Joop: Kijk, ik zit in IT en dan is een netwerk is voor mij verbonden computers. Daniël: Als ik het over netwerken heb in mijn veld, heb ik het dan heb ik het over met name. Daniël: Je kunt allerlei vormen van netwerken hebben, maar je kunt het vooral hebben over hoe kun je ervoor zorgen dat je jezelf verrijkt. Daniël: Dat is wat er gebeurt in financiële criminaliteit. Daniël: En dan kun je bijvoorbeeld hebben over BTW carrousels. Daniël: Dus het oprichten van bedrijven en het rondpompen van geld en daarvan profiteren, omdat je uiteindelijk niks toevoegt aan de waardeketen, maar wel uiteindelijk het geld rondpompt. Daniël: Maar dat kun je niet heel goed zien met de blote oog. Daniël: Dat kun je ook niet echt in een regel vatten. Daniël: Daarvoor heb je eigenlijk algoritmes nodig en netwerkanalyses die laten zien hoe het met elkaar samenhangt. Daniël: Dat is het type complexiteit waar wij dagelijks mee te maken hebben. Niels: Dus dat is het netwerk van transacties die aan elkaar geketend zijn en zo eigenlijk gezamenlijk een beeld vormen waarvoor het wordt gebruikt. Daniël: Ja, dat zijn het kunnen transacties zijn. Daniël: Het kan ook zijn dat je met structuren, bedrijfsstructuren werkt, dus eigendomstructuren. Daniël: Op verschillende manieren kun je die netwerken dus in kaart brengen. Daniël: En juist daarvoor zie je dat meer geavanceerdere tools echt wel meerwaarde hebben. Niels: En waar zit dan het balans van wanneer laat je het AI doen en wanneer gaat de onderzoeker of de medewerker mee aan de slag voor de beoordeling. 75 Niels: Want dat lijkt me best wel een belangrijke fase die erin zit. 76 Daniël: Dat is zeker een belangrijke fase. 77 Daniël: Ik denk dat voorop gesteld, je moet een signaal hebben waar je op acteert. 78 Daniël: Dat kun je detecteren. 79 Daniël: En daarvoor heb je dan machine learning AI-algoritmes die meer de klassieke AI hebben. 80 Daniël: Op die manier kies je eigenlijk welke casuïstiek je wil gaan bekijken. 81 Daniël: Daar komt het een beetje op neer. 82 Daniël: Vervolgens train je die algoritmes om de juiste dingen te zien. 83 Daniël: Dus om zo hoog mogelijk percentage te hebben, nuttige signalen. 84 Daniël: En als zo'n signaal dan vervolgens daadwerkelijk materieel is of onderzoekswaardig is, dan komt daar een menselijke beoordeling bij kijken. 85 Daniël: Maar vervolgens moet je als analist die dat gaat beoordelen, moet je wel een heleboel informatie bij elkaar halen. 86 Daniël: Je hebt soms ook gewoon klantcontact nodig. 87 Daniël: En in heel veel gevallen is het gewoon verklaarbaar gedrag natuurlijk. 88 Daniël: Maar dat onderscheid maken, dat vergt kennis, maar het vergt ook heel veel opzoekwerk informatie wat je moet combineren. 89 Daniël: En dat werk, dat kent ook veel handmatig slagen. 90 Daniël: En dat zijn we dus stuk voor stuk aan het kijken, waar kun je er nou voor zorgen dat je met generatieve AI dat al voor de makkelijkste vorm is een stukje prefilling vanuit andere bronnen. 91 Daniël: Maar je kunt daar natuurlijk ook verdere stappen in maken. 92 Daniël: Daar staan we redelijk aan het begin. 93 Daniël: De eerste dingen zijn er, maar je ziet dat dat optelt. 94 Daniël: En uiteindelijk verwacht ik dat heel veel van dit soort processen uiteindelijk een aaneenschakeling van agents worden, zeg maar. 95 Daniël: Dus stappen die je in principe door door agents, AI agents laat laat uitvoeren. 96 Joop: Waar ligt dan nu de balans? 97 Joop: Want het is nog, het is een menselijke beoordeling, zeg je toch. 98 Daniël: Wat in het fraudegebied, we voeren net als andere financiële instellingen, de rol van poortwachter, zo heet dat in de wetgeving uit. 99 Daniël: En de rol van poortwachter, dat is inderdaad een menselijke beoordeling of hier mogelijk verdacht gedrag plaatsvindt. 100 Daniël: En wij zijn geen opsporingsdiensten. 101 Daniël: Dus het is vanuit vanuit onze taak is het melden van dingen die mogelijk verdacht zijn. 102 Joop: Niels is een beetje verkouden. 103 Joop: Dus je zit er af en toe een beetje doorheen toe. 104 Joop: Sorry daarvoor, sorry voor de luisteren. 105 Joop: Maar hij is er, dat is het allerbelangrijkste, toch? 106 Joop: Ja, zeker. 107 Joop: Omdat het een menselijke beoordeling is, moeten we natuurlijk ook altijd oppassen voor de vooroordelen die we zelf bezitten. 108 Joop: En daar ben jij natuurlijk ook, of tenminste, een team van jou is daar heel nadrukkelijk mee bezig. 109 Daniël: Absoluut. 110 Daniël: Ik denk dat als je het een beetje een beetje uitzoomt, je traint dus die modellen. 111 Daniël: Die train je natuurlijk op het herkennen van patronen, maar dat doe je voor een deel ook met historische data. 112 Daniël: Maar die data wordt natuurlijk ook gevoerd door wat wij eerder hebben beoordeeld. 113 Daniël: En in ieder mens zitten biases. 114 Daniël: Zo zeggen we dat. 115 Daniël: Dus ieder mens heeft dat. 116 Daniël: Dus dat betekent dat we daar ook ontzettend alert op moeten zijn. 117 Daniël: Alert op zijn of we daar genoeg bewust van zijn. 118 Daniël: Want het is niet zo, je kunt niet naar een niet biased situatie gaan. 119 Daniël: Maar je moet je er bewust van zijn. 120 Daniël: En alles in het werk stellen dat het geen onderdeel is van je beoordeling uiteindelijk. 121 Daniël: Dat is moeilijk. 122 Daniël: Maar dat is wel het doel wat hier achter zit. 123 Daniël: En daarvoor hebben we verschillende mogelijkheden van in die teams die die algoritmes trainen, dat moeten hele diverse teams zijn. 124 Daniël: Dat is wel gewoon een vereiste, vinden wij. 125 Daniël: Omdat je elkaar dan scherp houdt. 126 Daniël: Omdat je dan als je dat overlegt, ook een beeld krijgt bij ook misschien heb ik dan toch een aanname gemaakt in de data die ik hiervoor gebruik, heb ik misschien toch een keuze gemaakt. 127 Daniël: Dus dat doen we met het modelontwikkelingstraject. 128 Joop: Maar mag ik over dat team hebben? 129 Joop: Want we hebben het hier ook heel vaak over. 130 Joop: Multidisciplinair. 131 Joop: En dat je vanuit van verschillende hoeken. 132 Joop: Maar hoe weet je nou dat dat multidisciplinair genoeg is. 133 Daniël: Dat is echt wel een hele moeilijke vraag. 134 Daniël: Het antwoord is nog moeilijker. 135 Daniël: Ik denk dat het een optelsom van factoren, denk ik hier. 136 Daniël: Als ik er naar kijk, je kijkt naar een team waarbij je een poging doet om dat team zo divers mogelijk laten zijn qua achtergrond, qua ander werk. 137 Daniël: Alle doorsneden die je kunt bedenken op het gebied van hoe divers kun je zijn. 138 Daniël: Internationale kant moeten inzitten. 139 Daniël: Goede verdelingen van waar een team vandaan komt dat expertise is. 140 Daniël: Dat is wel echt een belangrijk belangrijk geheel, denk ik. 141 Daniël: Maar daarnaast is het ook het überhaupt agenderen van het topic. 142 Daniël: Het bias topic. 143 Daniël: En een van de dingen die wij bijvoorbeeld doen, is dat wij ook onze hele afdeling, dus ook de mensen die de beoordeling doen, die het klantcontact doen, dat wij die ook trainen op dit gebied. 144 Daniël: En de training, dat gaat er in eerste instantie om, ben je bewust van je eigen biases. 145 Daniël: Dat is best wel confronterend. 146 Joop: Best wel moeilijk lijkt me over. 147 Joop: Hoe weet je, zeg maar, waar je vooroordelen zitten. 148 Daniël: Vaak weet je het zelf niet. 149 Daniël: Er zijn wat testjes voor. 150 Daniël: Dus we beginnen ook vaak dat je. 151 Daniël: En daar kun je van alles van vinden van die testjes. 152 Daniël: Dus zeker geen waarheid. 153 Daniël: Er zit nergens waarheid in. Daniël: Maar we beginnen vaak proberen voor jezelf een van die testjes te doen. Daniël: En er dan op te reflecteren. Daniël: En misschien wat casuïstiek, geanonimiseerd uit de praktijk. Daniël: Of we hebben natuurlijk ook wel eens als bank natuurlijk wel eens wat klachten gekregen. Daniël: Dan ga je die kun je die ook oppakken. Daniël: En kun je natuurlijk naar kijken van hoe kijk ik daarnaar waar komt het op mij over, en dan begint dat gesprek. Daniël: En dit is iets wat we dus over alle mensen die hier aan werken, nu zijn er geloof ik ongeveer 2500 op dit moment. Daniël: En ik geloof dat nu zijn vorig jaar hebben we dat ingezet. Daniël: Ik denk dat nu 97% hier doorheen gegaan is, dat is even mijn aanname op dit moment. Daniël: Dus dit geeft aan hoe serieus we het nemen dat je je bewust bent van je van je wijs, maar ook dat je het gesprek over durft te hebben. Daniël: En dat je durft. Niels Naglé: De challenger misschien wel, je collega van, heb je dat perspectief ook meegenomen, dat durft te stellen in het proces. Niels Naglé: Ik was even nieuwsgierig, je zei testjes, hebben we dan over profieltesten, denk ik, wat voor persoonlijkheid jezelf bent, of niet of persoonlijkheidstest. Daniël: Ja, je kunt allerlei testen doen, maar je kunt testen doen over welke woorden je associeert met wat met man, vrouw of met je kunt allerlei dingen doen op dat gebied. Daniël: Om waar je nu onbewust van bent, om dan te kijken, nu moet ik zeggen, er zijn allerlei reden ervoor wel of niet dit soort testjes doen. Daniël: Maar het helpt op het aanzetten van de discussie en het durven daarover te praten. Daniël: En dat is wel een belangrijk. Daniël: Wat je ook zegt, het tegenlezen door anderen, van heb ik hier misschien toch te snel een aanname gemaakt, was het feit dat ik misschien in een gesprek een bepaalde kant op bent gegaan, ben ik een tunnel ingegaan in mijn gedachten. Daniël: En dat is dat is wel belangrijk. Daniël: Want de andere kant, want dat is natuurlijk wel om te benadrukken, wij zijn een bank, wij hebben gewoon deze rol uit te voeren en we doen dat zo goed mogelijk. Daniël: En daar willen we echt goed in zijn. Daniël: Maar we weten ook dat de klanten, waar dan gaat het over het algemeen om die wij hiervoor hiermee contacten. Daniël: Dat die daar ook een mening, een beeld, een gevoel bij hebben. Daniël: Het is zo belangrijk om te luisteren naar je klant. Daniël: En de goede dingen te doen op dit gebied en de goede analyses doen en een goede invulling aan te geven en niet heel snel richting een oordeel te gaan aan te verhaal. Daniël: Ja, precies. Daniël: Dat is best wel best wel ingewikkeld. Niels Naglé: En daarnaast is het natuurlijk nog, het gaat om witwassen en dat soort zaken te spotten, waar dus ook die patronen iedere keer natuurlijk wijzigen. Niels Naglé: Want als je eenmaal iets gevonden hebt van signalen, je denkt van nou nu we het signaal, dan weet de rest ook dat het signaal er is. Niels Naglé: En dan gaat er weer opnieuws het spel spelen. Daniël: Ja, ja, en sommige patronen zijn historisch redelijk stabiel moet ik zeggen hoor. Daniël: Maar er zijn ook wel trends. Daniël: En je ziet ook wel veranderende zaken. Daniël: Bij ons gaat het uiteindelijk natuurlijk om het betalingsverkeer, weet je waar het geld heen komt, waar het geld uitgaat. Daniël: En er zit nog de eigendomstructuur, weet je wie erachter zit. Daniël: Dat is dat is grof weg. Daniël: Ik doe het een beetje tekort, misschien te werk met grofweg, maar het is grof weg wat het wat het inhoudt. Daniël: Maar op het moment dat je meer spelers in de markt krijgt die iets mogen doen op het betalings in de betalingsverkeer, dan wordt het al wat troebeler. Daniël: Op het moment dat je met cryptovaluta kunt werken, je hebt er verschillende. Daniël: en ik heb het nu ook over bijvoorbeeld de PSP's en de cryptographed, allemaal mogelijkheden die er zijn, die heel veel kansen bieden aan de samenleving. Daniël: Maar die ook wel een versplinter veld creëren. Joop Snijder: En zeker zo de netwerken. Joop Snijder: Dat is een PSP. Daniël: Een PSP dat is een payment service provider. Daniël: En dat zijn onder de regio geef die een aantal jaar geleden is ingevoerd, mogen ook partijen, dat je wel licentie voor hebben en zo, mogen ook voor jouw betalingen initiëren en mogen rekening informatie van derde verzamelen als jij content geeft als klant om services op dat gebied aan te bieden. Daniël: En de bekendste zijn natuurlijk de grote, even de Bukken Rude Molly, de Ajen, dat noem ik gewoon een aantal grote PSP's. Joop Snijder: Want 2500 man trainen in zo'n korte tijd. Joop Snijder: Dat is echt wel een enorme opgave. Joop Snijder: Hoe hebben jullie dat voor elkaar gekregen? Daniël: Dat hebben wij voor elkaar gekregen door dat gewoon te doen uiteindelijk. Joop Snijder: Dat begint het vaak toch? Niels Naglé: Ja, precies. Daniël: Dus natuurlijk zit een heel plan achter met een planning en de ondersteuning en de goede communicatie op dat gebied ambassadeurs verzamelen. Daniël: Dus gisteren hadden we nog even een soort van terugkomtdag van alle facilitators. Daniël: Dus iedereen die deze die ook de gesprekken heeft gefaciliteerd, was ook een mooie mooie bijeenkomst op dit gebied. Daniël: En dan is de vraag na zo'n programma, hoe hou je het vast? Daniël: Daar kwamen allerlei allerlei ideeën ideeën boven. Daniël: Want het is natuurlijk ontzettend belangrijk om de discussie, want je lost het niet op, het is niet meetbaar. Daniël: Laten we voorop stellen. Daniël: Er zijn signalen meetbaar, maar het is niet een meetbaar of tastbaar onderwerp uiteindelijk. Daniël: En hoe je daar dan mee omgaat, dat is puur het levend houden van het onderwerp, maar je kunt moeilijk op de agenda punt geven. Daniël: We gaan het vandaag nog even hebben over bias. Daniël: Dus we hadden het er over, misschien moet je een soort stelling elke maand hebben of een geanonimiseerde of fictieve casuïstiek. Daniël: Dat je toch iedere keer weer even die bewustwording erin hebt. Daniël: En dit gaat door alle teams heen. Daniël: Dus niet alleen teams met klantcontact, ook teams die trainingen ontwerpen, ook teams die algoritmes waar we waar we het over hebt, die AI algoritmes trainen, het gaat door al die teams heen, dit verhaal. Joop Snijder: Hebben ze het net wel eens gedaan dan, zo op zo'n agenda gezet? Joop Snijder: Ik vind het niet eens heel gek idee, toch? Joop Snijder: Dat je dan inderdaad een casus pakt en zeggen van hoe zouden we daar nu naar kijken, met de kennis die we nu hebben. Daniël: Het gebeurt niet structureel. Daniël: Maar ik denk wel dat dat en dat is een beetje waar op zo'n dag als gisteren, dan ben je daarna op zoek naar hoe kunnen we dit doen. Daniël: En het is mooi om te zien dat daar heel veel animo voor is om dit ook te doen. Daniël: Omdat iedereen voelt dat wel, want dat is natuurlijk ook een beetje, we hebben het over AI, dan heb je het, als je het een aantal jaar geleden over AI en over data science had, dan ging het altijd de techniek in. Daniël: Dan ging het altijd over die algoritmes. Daniël: Dan ging het altijd over hoe kun je met neurale netwerken werken met Ferratio, outra en codes, iforce, isolation forrest. Daniël: Dat soort dat soort verhalen. Daniël: En wanneer gebruik je welke welke architectuur en welke en dat is een beetje weg. Daniël: Want het gaat nu vooral over de non-tech kant. Daniël: Dus de is dit ethisch, is dit privacy-wise, kunnen we dit kunnen we dit maken, is dit welke biases zitten er mogelijk in. Daniël: En wat zijn de gevolgen? Daniël: Dus we werken steeds meer toe naar non-technische assessments. Daniël: En dat gaat gaat een beetje de kant op, dat wordt ook vaker genoemd naar de fundamental rights impact assessment. Daniël: Dus het gaat niet eens meer over één of twee aspecten. Daniël: Het gaat echt, en nou daar ben ik een heel groot voorstander van echt over nadenken over de niet-technische gevolgen van het gebruik van algoritmes. Joop Snijder: En gebruik jullie die ook, die FRIA. Joop Snijder: Gebruiken jullie die ook. Daniël: Wij gebruiken inderdaad alle alles wat eindigt op IA. Daniël: Ik denk dat we moeten zeggen dat het dat dingen nog best wel ver in ontwikkeling zijn, vaak. Daniël: Maar opgeteld, denk ik wel, we doen altijd fairness en bias tests. Daniël: We doen altijd de vraagstukken. Daniël: Of is dit in het belang van de van de klant, belangen afweging een stuk, op privacygebied ook en zo. Daniël: En dat doe je op verschillende factoren. Daniël: Dus je kijkt naar welke data gebruik je überhaupt. Daniël: En is dat rechtstreek te linken aan het doel wat je ermee hebt. Daniël: Dus in mijn domein financial crime. Daniël: Als je een bepaald type criminaliteit wil detecteren. Daniël: Dan zijn die datapunten ook daadwerkelijk te linken, of vanuit de literatuur of vanuit vorm van bewijslast uit het verleden te linken aan hetgene je je aantal aan het opsporen bent, kun je kun je dat doen. Daniël: Dus dat is de input inputkant. Daniël: Dan de algoritmes selectie, waar je natuurlijk een keuze in maakt. Daniël: En dan natuurlijk ook aan die outputkant. Daniël: Komt er dan ook uit? Daniël: Wat je verwacht en kun je het daarmee ook verantwoorden. Joop Snijder: En je hebt nog de datakant toch, welke data selecteer je? Daniël: Ja, wat mij betreft was dat die invoerkant. Daniël: Dus welke datapunten, welke features. Daniël: Wat kies je aan variabelen, die überhaupt rechtstreeks te relateren is aan de modus operandi die je wil detecteren hier. Daniël: Dat doen we al nu al jaren, zeg maar op die manier. Daniël: En ik moet zeggen, dat gaat gaat best goed. Daniël: En daar bedoel ik mee. Daniël: De manier waarop er over gesproken wordt, de volwassenheid die ik daar bespeur. Daniël: Maar daar heb ik het wel over de classical AI. Niels Naglé: En de machine learning kan. Daniël: En dan heb ik het niet over Gen AI. Daniël: Want dan hebben we echt weer een heel ander echt een totaal andere situatie weer. Joop Snijder: Kun je zo'n situatie schetsen? Joop Snijder: Wat maakt het anders? Daniël: Wat het vooral anders maakt, Gen AI is in eerste instantie natuurlijk de toepassing. Daniël: Dus de toepassing van Gen AI zit niet heel sterk in de detectiekant. Daniël: Het zit hem echt veel meer dus in het transcript, informatie eruit halen, informatie verzamelen, informatie op een plek brengen en echt waar die large language models in eerste instantie voor bedoeld zijn. Daniël: Ik denk dat het maar het allereerste begin is. Daniël: Maar waar daarin zit is natuurlijk het grenst heel snel aan wanneer is het een model wat jouw richting op duwt, of wanneer helpt het model jou. Daniël: En ben jij nog steeds degene aan het sturen. Daniël: Dus de human in the loop in deze. Daniël: En omdat je dat natuurlijk niet echt die Gen AI-algoritmes zijn natuurlijk anders qua opzet en ze zeggen vaak transparantie, ik weet niet of dat zeggen, ik heb dat moeite met dat woord. Daniël: Maar in elk geval met de in de situatie van wat komt er dan precies uit, kan ik dat helemaal reconstrueren, dat is nog wel eens wat diffuus. Daniël: En je ziet ook natuurlijk. Joop Snijder: Dat is heel moeilijk toch? Daniël: Dat is heel moeilijk. Daniël: En dat is ook waarom natuurlijk altijd die human in the loop erin zit. Daniël: Maar we weten ook natuurlijk, als we de tijd een beetje vooruit draaien, dat nu corrigeert iemand de uitkomst. Daniël: Tot op zekerhoogte zou je ook kunnen zeggen dat overtypen van informatie ook nog iets doet met de manier waarop je erover nadenkt, en dat je dat je als je dat bewerkt dat jouw jouw beeld daarvan beter wordt, of in elk geval dat je er zelf actiever over nadenkt. Daniël: Maar hoe meer je in een reviewrol komt, hoe verder je er van afstaat, hoe eerder je misschien ook geneigd bent aan te nemen, en niet alles in checkt, dat dit correct is. Joop Snijder: Ja, want human in the loop, dat suggereert zeg maar dat we ook human in control zijn. Joop Snijder: En volgens mij is dat zeg maar, wat soms een beetje verwatert, zeker als dingen goed blijven gaan. Daniël: Dat is zeker een risico in het geheel. Daniël: En als je dan ziet, iemand was of iemand is, moet ik zeggen, en dat is bij elk bedrijf wel zo verantwoordelijk voor een proces. Daniël: Een uitvoering van een proces, van een bepaald begin tot een bepaald eindpunt. Daniël: En dan als we daar dan modellen gebruikten in het proces, dan was ook iemand vaak iemand anders die goed was in modellen, was dan verantwoordelijk voor modellen, dan had je daar validatiestappen in zitten. Daniël: En dat is ook een groot verschil trouwens tussen detectiemodellen en GI-modellen, de validatiestap. Daniël: Maar het verschil tussen degene die eigenaar was, zeg maar, of degene die verantwoordelijk was voor zo'n proces. Daniël: En die modellen die daarin gebouwd werden, dat was logisch, want dat was op competentie, op vaardigheid. Daniël: Maar hoe meer stappen, en we zijn nu nog aan het begin, maar ik ben ervan overtuigd dat de komende jaren enorm hard gaat. Daniël: Hoe meer stappen eigenlijk vervangen worden door AI agents, stapje voor stapje voor stapje, hoe meer jouw proces eigenlijk een aaneenschakeling van agents is. Daniël: En dan is die human in de loop. Daniël: Human in control vraag, dat is hele mooie. Daniël: Want vervolgens ga je natuurlijk de vraag stellen, maar wanneer gaat er dan geen mens meer? Daniël: Is dat in een paar procent? Daniël: Is dat in minder. Daniël: En zo gaat dat natuurlijk de komende jaren door. Daniël: Op dit moment is overal human in de loop. Daniël: Maar het is wel de vraag. Joop Snijder: Dan gaat het over een aantal jaar. Joop Snijder: En zeker als we zeggen dat agents heel veel werk over kunnen gaan nemen, heb je straks dus een hele vloot aan agents. Joop Snijder: Wil je dan nog wel de human in de loop zijn. Joop Snijder: Wie krijgt dat een appje op zijn schouder? Daniël: Dat is een mooie vraag over carrièreperspectief. Daniël: Los daarvan heb je natuurlijk de vraag, dan is degene die modellen. Daniël: Alles wist van die modellen. Daniël: En degene die alles wist over hoe je dat proces uitvoeren, dat wordt steeds meer één. Daniël: Dat kan niet anders eigenlijk. Daniël: Maar dat is een significante verandering van denken in dit soort patronen. Daniël: Een hele andere functieopbouw. Daniël: Ik vertel dit nu niet per se omdat we er als bank heel erg druk bij deze vraagstuk bezig zijn. Daniël: Maar wel als je een paar jaar vooruit denkt hoe die beweging nu is, is dat natuurlijk wel een interessante. Joop Snijder: En als ik dan ook nog terugpakt, omdat je zei transparantie, daar vind ik eigenlijk een rot woord. Joop Snijder: Dat is wel lastig als het zo diffuus wordt. Joop Snijder: En we eisen het vanuit de wetgeving, de AI Act. Joop Snijder: Dat is echt wel een vraagstuk voor de aankomende tijd. Daniël: Zeker een vraagstuk. Daniël: En transparantie voor de zekerheid. Daniël: Ik ben heel erg voor elke vorm van transparantie. Daniël: Omdat mensen het relateren aan de complexiteit van modellen, wat niet per se één op één aan elkaar. Joop Snijder: Het is goed dat je dat nog zegt hoor. Niels Naglé: Twee dingen. Niels Naglé: Die voor mij even naar voren komen, is het stukje inderdaad, ben je nog actief betrokken. Niels Naglé: Weet je genoeg van de context die speelt. Niels Naglé: Ik denk dat dat een belangrijke blijft, zeker als het diffuser wordt en heel veel agent aan het werk gaan. Niels Naglé: Dus hoe actief ben je nog betrokken, of ben je alleen maar ja, je mag door of je mag niet door de slagboom, zeg maar, dadelijk mee bezig. Niels Naglé: En een andere waar je hem optriggerde, dus waar ik eigenlijk nog wel een vraag was staan is, je zegt heel erg expliciet: validatie is echt wel anders bij witwassen. Niels Naglé: Wat bedoel je daarmee? Daniël: Nou, bij wit wassen niet per se. Daniël: Misschien wel vergeleken met veel andere terreinen, nog één vergelijken dan de antwoord op jouw vraag. Daniël: Het verschil met witwassen is, wie is degene die er last van heeft, de maatschappij. Daniël: Maar de maatschappij steekt vaak niet zijn vinger op van ik heb hier nu echt last van. Daniël: Bij heel veel andere toepassingen zit je eigenlijk in eentjes en nulletjes. Daniël: Je hebt een uitkomst goed en de uitkomst niet goed. Daniël: Binnenbank is natuurlijk vooral bekend. Daniël: We zijn natuurlijk veel in het financieren. Daniël: Dus je betaalt je lening wel of niet terug. Daniël: Dat voorspelmodel ongeveer. Daniël: Maar bij al deze klanten, alle transacties, daar is vrijwel alles is goed. Daniël: Laten we even voorop stellen, het is echt de speelt in de hooiberg hier, dat is een heel klein percentage. Daniël: Maar alles wat je niet verdiept in of het wel goed of niet goed is, heb je geen antwoord op. Daniël: Model technisch is dat een interessante situatie. Daniël: Dat is voor witwassen een groot verschil met andere toepassingen. Daniël: Niet alle, maar wel veel toepassingen, waarbij je als je dacht dat iemand niet zou terugbetalen, of wel, dat je uiteindelijk geconfronteerd wordt met de uitkomst. Daniël: En met witwas is het niet dat iemand zijn vingers steekt. 347 Joop: Je had mij niet gedetecteerd. 348 Joop: Maar ik heb het wel gedaan. 349 Daniël: Dat is modelmatig even een verschil. 350 Daniël: Omdat je maar een kleine set uiteindelijk bekijkt. 351 Daniël: Daarom gebruiken wij ook niet alleen supervised learning, dus zeg maar het leren van historie. 352 Daniël: Maar trainen wij ook algoritmes op unsupervised anomaly detectie, omdat je anders in die tunnel terechtkomt en je de trends ook later ziet. 353 Daniël: Tweede deel is die validatieverschil. 354 Daniël: Validatie is wat ik net zeg over detectie. 355 Daniël: Daar kun je een echte originele validatie op doen. 356 Daniël: Welke selectie heb je gemaakt, welke keuzes, enzovoort. 357 Daniël: Maar validatie wordt steeds ingewikkelder als je zeker met Gen AI gaat werken, maar ook omdat ook de wereld om je heen ook AI gebruikt. 358 Daniël: Dus jouw informatievoorziening, is ook deels gebaseerd op AI-uitkomsten. 359 Daniël: Ook wat van buitenaf wordt aangeleverd. 360 Daniël: Dus de optelsom in die keten wordt steeds groter. 361 Daniël: En dan is de vraag inderdaad, hoe kun je dat goed doen? 362 Daniël: En dan kom je steeds meer uit, en dat zie je ook wel terugkomen op meer die verantwoording over de data die je gebruikt in de input. 363 Daniël: En de output controles eigenlijk. 364 Daniël: Van komt eruit wat we verwachten wat eruit komt. 365 Daniël: En die verandering is significant anders dan wat we eerder hadden met gewone machine learning modellen, waar je gewoon een ontwikkelaar hebt, iemand die onafhankelijk checkt, dit is wat je erin hebt gestopt, dit heb je gekozen, dit is de uitgekomen, ik kom op hetzelfde of ik heb wat aanbevelingen. 366 Daniël: Dat is significant anders. 367 Joop: Ja, en daardoor is ook significant moeilijker. 368 Daniël: Moeilijker. 369 Daniël: Dit moment in tijd veel moeilijker. 370 Daniël: Maar ik denk dat het ook een verandering gaat plaatsvinden. 371 Daniël: Maar wat zijn dan validatiecriteria? 372 Daniël: Want dit zijn technische discussies. 373 Daniël: Maar ik denk dat het dus veel meer naar de niet-technische kant gaat. 374 Daniël: Als je het over de Gen AI en de doorontwikkeling hebt, heb je contracten met leveranciers, hoe zit dat in elkaar? 375 Daniël: Hoe zit het in elkaar inderdaad met de privacy van gegevens? 376 Daniël: Hoe weet je dat die uitkomstchecks, uitkomstcontroles, dat je die goed doet. 377 Daniël: Dat soort dingen, ik denk dat je het er veel meer over die controles gaat hebben in validatie. 378 Daniël: Wat we van origine vooral deed het reproduceren van modelontwikkeling hier. 379 Niels: Ja, mooi. 380 Niels: Dus dat betekent eigenlijk, voor mezelf probeer je dan een plaat te maken in mijn hoofd. 381 Niels: Dus dat je dus eigenlijk het vraagstuk centrale zet en daar andere vragen aan gaat stellen voor de validatie. 382 Daniël: Dat denk ik wel. 383 Daniël: En ook omdat je natuurlijk. 384 Daniël: Er zijn zoveel technologische trends die laagdrempelig zijn en daardoor snel gebruikt worden nu, maar nog niet zo volwassen. 385 Daniël: En als je een aantal daarvan optelt, dan wordt dit een hele interessante. 386 Daniël: Dus ik heb die AI agents, daar hebben we het steeds over. 387 Daniël: Maar een AI agent kan natuurlijk ook gebruik maken van informatie van buiten. 388 Daniël: Stel nou dat het hoeft niet een bank te zijn, het kan ook bedrijf zijn, mensen hebben wallets. 389 Daniël: En in die wallets zit ook informatie en steeds meer. 390 Daniël: En sterker nog, je gaat natuurlijk zien, volgens mij heeft het CBR ook aangekondigd dat de rijbewijzen vanaf 2030 in die wallet komen. 391 Daniël: Ik dacht dat dan ook, je krijgt natuurlijk digitale identiteiten, dezelfde waarde als een paspoort worden toegedicht. 392 Daniël: Als je die optelsom maakt, ik noem nu een paar dingen even los daarvan, maar je kunt dat. 393 Daniël: Die wallets, die worden groot. 394 Daniël: Als je als klant accepteert dat het bedrijf waarmee je, of je bank, of wat dan ook, informatie uit je wallet mag gebruiken hiervoor. 395 Daniël: Kun je elke keer opnieuw consent geven, dat soort dingen. 396 Daniël: Dan kan dus een AI agent op een gegeven moment informatie ophalen. 397 Daniël: In dit verhaal. 398 Daniël: Daarnaast heb je ook nog steeds meer mogelijkheden om data te delen op een privacy enhanced manieren. 399 Daniël: Bekende dingen zijn secure multiparty computation, dus dat je eigenlijk data deelt zonder te delen ten totdat de security codes zijn vrijgeven. 400 Daniël: Als je dit soort dit soort trends, alle drie bij elkaar optelt even. 401 Daniël: Dan heb je dus AI agents die een proces besturen. 402 Daniël: Die koppel je aan informatie die de klant heeft in wallet, wat gestandaardiseerd gaat bestaan. 403 Daniël: En je koppelt het aan het feit dat je informatie kan delen waar dat mag, en toegestaan en gecontroleerd is met privacy en hand tooling. 404 Daniël: Op die manier, en dan gaan we het over validaties hebben, wordt dat heel interessant. 405 Daniël: En ik vertel dit gewoon puur als een combinatie van ontwikkelingen nu. 406 Daniël: Maar ik zit dan wel zelf vooruit te denken de komende jaren. 407 Daniël: Dit zijn de echte vraagstukken waar het straks om gaat. 408 Daniël: Waar is mijn data? 409 Daniël: Hoe kan ik, en ik hoop dat we dat overal in kunnen houden. 410 Daniël: Dat er client consent is vanuit die wallets en vanuit die ontwikkelingen. 411 Daniël: Maar dat zijn wel essentiële vraagstukken aan het worden. 412 Daniël: Hoe valideer je dan dat je de juiste informatie hebt, dat het veilig is, dat je de juiste conclusies kunt trekken. 413 Daniël: En dan heb ik het niet alleen over mijn vakgebied, maar in de begrepen. 414 Joop: Want webshops krijg je ermee te maken. 415 Joop: Iedereen die interactie heeft zo direct met agents of klanten. 416 Niels: Of met bedrijven waarvan je niet weet dat er agents weer achter zitten. 417 Niels: Dus nog niet altijd transparant inderdaad. 418 Niels: En welk deel van mijn gegevens worden dan gebruikt? 419 Niels: Want steeds meer verzamelen we in één applicatie, één wallet of wachtwoorden, kluis, of noem het dan maar op. 420 Niels: En je geeft die ene sleutel geef je weg, maar waarvoor wordt het gebruikt? Daniël: En ik denk dat die optelsom van ontwikkelingen. Daniël: Die wordt, denk ik, een spannende en interessante. Daniël: Dus met AI, ik ben ik ben de optimist die er heel veel mogelijkheden in ziet, maar ik ben ook gelijk degene die denkt, ja, we zijn ook wel, het is wel een heel risicoveld globaal experiment, wat we met alle begonnen zijn. Niels: Hoe hou je jezelf dan inderdaad, tussen die twee werelden in? Niels: Want ik hoor je dan zeggen, ik ben de optimist en ik ben de pessimist. Daniël: Ik ben ze denk ik wel allebei inderdaad. Daniël: Nou, ik denk bij alles je afvragen in eerste instantie, ik denk niet dat het te stoppen is, de ontwikkeling, en dat moeten we ook niet willen. Daniël: Het is een ontwikkeling met volgens mij voelt iedereen dat daar heel veel waarde voor de maatschappij in zit, in zich heel in allerlei vlakken, maar ook wel iedere keer toch even die sceptische pet op zet, even een beetje wat gebeurt hier nu. Daniël: Kan ik uitleggen wat er uiteindelijk gebeurt. Daniël: En daar heb ik het gevoel van dat dit voldoende is voor nu wat we aan het doen zijn, en dit terughoudendheid ook wel echt betrachten daarin. Niels: Ja, ik denk dat dat een hele waardevolle is die je noemt, inderdaad, dat je zelf ook even in de pessimist kan zetten en even kritisch kan zijn met wat speelt. Niels: Heb je een paar voorbeeldvragen die mensen, vooral de rasoptimisten zichzelf wat vaker zouden moeten stellen. Daniël: Vind ik een hele mooie vraag. Daniël: Ik denk vooral niet zozeer een vraagje zelf stellen, maar elke keer afvragen. Daniël: Het meeste rasoptimisten gaan ervan uit, en dat is denk ik ook wat recht dat in een heel hoog percentage. Daniël: Als je gewoon alle waarborgen in de acht neemt, dat de uitkomst is wat je verwacht dat eruit komt. Daniël: Maar vraag je nou eens af en dat even andersom, als 99% goed is, is 1% fout. Daniël: Over hoeveel situaties hebben het. Daniël: En dat is één stap in de keten. Daniël: Als je de tweede stap pakt, die 1% nog een keer. Daniël: En dan gaan we door en gaan we door. Daniël: Hoeveel stappen heb je nodig om inderdaad te komen tot een situatie, waarin je zegt, dit vind ik best wel een grote foutmarge. Daniël: En ik denk als je dat iedere keer jezelf afvraagt, dus hoeveel schakels zit er in de keten met een foutmarge en kan ik daar nog achter staan. Daniël: En durf ik dan ook te bewijzen dat dat zo is, ik denk dat dat altijd wel een goede bewustwording is. Daniël: Dus het gaat voor mij altijd om bewustwording. Niels: Ja, helemaal heel mooi inderdaad zeg. Niels: Want ik denk dat dat echt wel ook heel moeilijk is om in ketens te denken, vaak zitten in onze eigen kaders. Niels: En zit er eigenlijk inderdaad nog een heel veel keten voor ons en achter ons processen, bedrijven, netwerken. Niels: En onderschatten we dat wat het effect daar vooruit en achteruit kan betekenen. Daniël: Wat we ook onderschatten is, denk ik, want dat is een mooie woord hier als bruggetje, denk ik. Daniël: Wat doen we nou met die GNAI? Daniël: Nou, we zijn in de kern. Daniël: Je ziet de eerste statistieken nu al een beetje ontstaan, zijn we startersbanen, junior banen aan het vervangen. Daniël: In de IT-kant, in de logistiek kant, in de operationele administratieve kant, overal. Daniël: We zijn uiteindelijk juniorbanen, startersbanen aan het vervangen. Daniël: De vraag is wel, als je in de reviewrol zit als senior en je reviewt de uitkomst van het systeem, dat zal de komende jaren best wel goed gaan, want het lijkt heel erg op wat we daarvoor hebben getraind door diezelfde mensen. Daniël: Dus uiteindelijk zal dat aan het begin wel redelijk goed gaan. Daniël: Maar vervolgens is natuurlijk de vraag, maar hoe is die doorstroom dan? Daniël: Wie is de nieuwe senior? Daniël: Dus eigenlijk is het een maatschappelijk vraagstuk ook. Daniël: Hoe leren we? Daniël: Dus hoe leiden we op. Daniël: En dat geldt ook in de volle breed. Daniël: Hoe leiden we mensen op tot de human in de loop of humanine control. Daniël: Hoe komen we daar? Daniël: En dat gaat zo huwelijk snel, nu die ontwikkeling. Daniël: Dat ik dat ik wel echt daar wel denk van als je het hebt over wat zijn nou de risico's hierop en wat onderschatten we, ik denk dat we dit stuk een beetje aan het onderschatten zijn met z'n allen, wat zouden we aan kunnen doen, misschien voor een deel ook wel. Daniël: En dat is altijd een beetje een moeilijke, maar je noemde net de AI-act. Daniël: En ik denk dat regelgeving, het traject waarop we regelgeving tot stand brengen. Daniël: Dat dat wel haaks staat, op de snelheid waarin AI zich ontwikkelt. Daniël: Dus de kans dat we dat dat de komende jaren een beetje in balans komt, lijkt mij best wel ingewikkeld. Daniël: Je zou denk ik naar een soort design principles moeten. Daniël: Dus naar een aantal uitgangspunten, een aantal principes. Daniël: En één daarvan zou moeten zijn dat je dat je ook een plan hebt hoe je opvolging doet van mensen die het systeem begrijpen. Daniël: En ik denk dat hoe je dat kunt doen, voor een deel zal dat natuurlijk sowieso vanuit veel opleidingen uiteindelijk wel die kant opwerken. Daniël: Dus dat denk ik wel, maar ook bedrijfsopleidingen zullen hier wel echt aandacht aan moeten besteden. Daniël: Wat doen nou al die schakels in een proces, kan ik nog uitleggen waar dat vandaan komt oorspronkelijk. Niels: Dus nog wat meer trainingen om inderdaad de kennis genoeg en context genoeg binnen je organisatie op te leiden, dan zijn we toch weer aan het opleiden. Daniël: Ja, uiteindelijk wel, het is een kennisintensief, bijna alles wat we vervangen, is toch uiteindelijk kennisintensief werk wat vervangen wordt nu. Daniël: En dat was natuurlijk in veel technologische ontwikkeling was dat net iets anders, maar nu wordt ook kennisintensief werk vervangen. Daniël: En dat betekent niet dat de kennis daarmee weg zou mogen zijn, die kennis moet juist geborgd zijn. Daniël: Dus de kennisborgingsvraag wordt een van de essentiële elementen, denk ik. Joop Snijder: Om we het nu toch over trainingen hebben. Joop Snijder: Je hebt in zo'n korte tijd zoveel mensen getraind. Joop Snijder: Er zijn natuurlijk nu heel veel bedrijven die bezig zijn met AI adoptie, eigenlijk ooit hoort daar dat ook bij. Joop Snijder: Wat zijn nou tips die je mee zou kunnen geven wat je geleerd hebt voor bedrijven die adoptieprogramma's eigenlijk aan het opzetten zijn of daarmee bezig zijn. Daniël: We hebben best wel de reis doorlopen, zeg maar. Daniël: We zijn wel begonnen met het idee, als je iets vervangt, dus eerst in de detectiekant waar ik het over had, dan moet je het wel zo doen. Daniël: Dat het gevoelsmatig niet een hele grote stap is. Daniël: Dat klinkt een beetje gek misschien. Daniël: Maar dat de uitkomst van een model eigenlijk weer teruggeleid wordt naar wat was ook weer de reden om er naar te kijken, dan maak je het redelijk lineair eigenlijk. Daniël: Dat was voor ons een van de van de van de best wel succesvolle tussenstappen. Daniël: En daarnaast inderdaad, het is toch wel uiteindelijk veel kleine stapjes communicatie. Daniël: En ik denk dat we nog steeds vooral zitten op het verbeteren en het vervangen van schakels in een proces, waardoor het proces herkenbaar blijft. Daniël: Je komt zo meteen natuurlijk wel op een kantelpunt. Daniël: Waarbij je gaat zeggen, eigenlijk is het niet logisch meer wat we doen. Daniël: En dan wordt het denk ik ingewikkelder. Daniël: Maar vooral de herkenbaarheid houden en de expertise, we hebben heel erg ingezet ook op benadrukken hoe belangrijk expertise is. Daniël: Want dat is voorlopig is dat voorlopig altijd nodig. Daniël: Deels kun je dat misschien daar kan AI rol voor spelen, maar je zult toch in je organisatie kennis moeten behouden. Daniël: Dus blijven inzetten op de kennis die je nodig hebt en stapje voor stap is dat herkenbare processen blijven. Daniël: Maar goed, we hebben ook niet de wijsheid altijd in pacht en dit soort dingen, maar dat is wel wat ik er van de afgelopen zes jaar dan. Joop Snijder: Je bent er heel intensief mee bezig geweest, ik denk dat het een hele mooie tip is. Niels Naglé: Ik had nog een vraag, maar dan moeten we even opzoeken, inderdaad, die had ik vanochtend met AI samengesteld. Daniël: Dus ik krijg nu een vraag van AI. Niels Naglé: Samengesteld door AI en mij. Joop Snijder: Wat is misschien wel leuk, het is wel eens vaker verteld, maar Niels die bereidt, wij bereiden sowieso natuurlijk deze gesprekken voor. Joop Snijder: Hij bereidt het ook voor in de auto. Joop Snijder: Hij zit regelmatig lang in de auto. Joop Snijder: waarin die spart om voor de voorbereiding om op goede vragen te komen. Niels Naglé: En dat doe je dan met dit geval ChatGPT en dan de Voice. Niels Naglé: Dus dan zet ik hem aan als ik in de auto stap en dan laat ik eerst de onderzoek weer in jou doen. Niels Naglé: En dat heb ik allemaal zelf gedaan, maar dan laat ik dat nog een keer doen. Niels Naglé: Komt dus nog soms met de verkeerde personen, maar goed, dat weet ik dan allemaal, en dan artikelen weer op laten halen en dat soort zaken, dan ga ik gewoon sparren met van wat zijn interessante vraagstukken die spelen in dit domein. Niels Naglé: Wat zijn zaken die je niet verwacht, maar wel van belang zijn. Niels Naglé: En zo komen er allemaal verschillende vragen naar voren. Niels Naglé: Ik heb het heel veel, dus ik heb er eentje uitgekozen. Niels Naglé: En volgens AI komt hij onder de provocerende vragen. Niels Naglé: Dus allemaal vast een beetje voor te brengen. Niels Naglé: Wat zou jij zeggen tegen critici, die vinden dat AI een black box is en te ondoorzichtig is voor zoiets belangrijk zoals financiële criminaliteit. Daniël: Dat is wel een. Daniël: Ik weet niet welke categorie. Daniël: Ik denk uiteindelijk ben ik niet. Daniël: Ik denk dat het verschillende kanten op hiermee. Daniël: Want uiteindelijk wil je heel graag verklaren wat het algoritme doet. Daniël: Maar op het moment dat je kunt verklaren waarom de output van het algoritme past bij de bedoeling die je erachter had. Daniël: Dus dat is meer een beetje cryptisch, maar ik kom een beetje terug op wat we net zeiden: je gaat van simpele logica, iemand komt met een sport als cash bij de banen, dat heb je bijna niet meer bij banken, maar dat was natuurlijk het klassieke klassieke voorbeeld, daar hoef je geen AI voor te gebruiken om te denken, ik ga een extra vraag stellen, even waar het vandaan komt. Daniël: Maar op het moment dat je moeilijkere patronen hebt, dan is het vooral de vraag: wat is je modus operandi, wat zijn dan de onderzoekswaardige situaties, en relateert dat aan elkaar en waar je vroeger dan probeerde alle logica daarachter helemaal uit te schrijven te begrijpen, zal dat steeds iets minder zijn, zolang je maar die feedbackloop hebt zitten en kunt uitsluiten dat daar echt ongewenste discriminatie plaatsvindt. Joop Snijder: Heel duidelijk. Joop Snijder: Wat zou je mee willen geven aan de luisteraar die nu luistert. Joop Snijder: Die zitten met vraagstukken in hun hoofd rondom: van ja, hoe kan ik nou zelf achter mijn vooroordelen komen of trainingen rondom adoptie, wat zou je de luisteraar mee willen geven. Daniël: Ik denk als mijn ervaring zou, het is toch het meest nuttige, is het gewoon uit te spreken in gesprek gaan. Daniël: En dat klinkt heel simpel en heel soft enzovoort. Daniël: Dat realiseer ik me heel goed. Daniël: Maar in elk gesprek wat ik tot nu toe daarover gehad heb, komen weer dingen naar voren. Daniël: Want iedereen heeft wel iets meegemaakt. Daniël: En dat kan op alle vlakken zijn. Daniël: En het hoeft ook niet werkgerelateerd te zijn om het gesprek te openen. Daniël: Het kan zijn dat je dat je elkaar. Daniël: Het gaat uiteindelijk heel vaak ook over communicatie, dat je elkaar niet goed begrijpt. Daniël: Of dat je inderdaad met een aanname zit over de ander en die verweeft in al je kan op allerlei vlakken zijn. Daniël: Maar stel je kwetsbaar op en ga het gesprek aan, dat is toch echt de belangrijkste. Daniël: En probeer ook om je heen te kijken, inderdaad, zijn er mensen waarvan ik denk, oh, die begrijp ik misschien niet zo heel goed. Daniël: En vraag dat ook een keer. Daniël: Want dat is ook superbelangrijk. Daniël: Maar heel heel bewust mee bezig zijn, ik stel mijn teams ook heel bewust divers samen, omdat ik gewoon weet dat uiteindelijk ga je dan mooie dialoog aan en ga je hele mooie gesprekken krijgen. Daniël: En krijg je veel perspectieven. Daniël: En hoe meer van die perspectieven, het is niet per se hoe meer hoe beter moet ik zeggen, maar het is wel zo dat het helpt heel erg in dingen verklaren. Daniël: Goede overwegingen te maken in wat je wel en niet of met modellen oplost of op allerlei terreinen. Daniël: Het is een hele simpele tip, maar agendeer het een keer over. Joop Snijder: Maar ik heb nog één één dingetje dieper. Joop Snijder: Want stel, ik wil dit gesprek met Niels, zo direct stoppen wij en ik wil dit gesprek met Niels openen. Joop Snijder: Wat is de conversation starten? Daniël: Wij hebben gedaan, is inderdaad dat we met een aantal stellingen ook begonnen. Daniël: En wat je dus inderdaad kunt doen, is dat je het dat je er wel even een moment voor pakt. Daniël: Want het is best wel lastig aan het koffiezetapparaat om een vrij willekeurige zin erin te gooien. Daniël: En zeker als het over discriminatie gaat, wat het onderwerp is, waar je toch uiteindelijke serieuze serieus aanvliegen om er iets goeds uit te halen. Daniël: Dus agendeer het wel een beetje, zou ik zeggen, maar begin met een paar stellingen. Daniël: Jij gebruikt dus overal ChatGPT voor. Daniël: Die heeft vast een paar hele leuke gespreksstarters. Daniël: Waarbij ik denk, begin met een stelling en een situatie, een casuïstiek iets. Daniël: En daar kun je echt heel makkelijk aan komen. Niels Naglé: En wat bij mij altijd helpt, en ik heb niet een voorbeeld nu direct voor deze voor dit onderwerp is iets opzoeken, wat eigenlijk zo voor de hand ligt, waar iedereen wel een beeld bij heeft, een beetje tot het extreme trekken. Niels Naglé: Dus voetballers van jongens in plaats van vermijden of iets van die standaardbeelden, om die eens op tafel te leggen. Niels Naglé: En dan eigenlijk te zeggen van zo dachten we er vroeger over. Niels Naglé: Dus hoe denken we over andere onderwerpen waar we het eigenlijk ook eens met elkaar over moeten hebben. Joop Snijder: Dat gaan we zo doen. Joop Snijder: En ik dacht te luisteren uit. Joop Snijder: Ik dacht te luisteren ook uit ons. Joop Snijder: Ga het gesprek aan. Joop Snijder: Dankjewel voor deze inzicht, Daniël. Daniël: Graag gedaan. Daniël: Wat leuk om niet te zijn. Joop Snijder: Leuk dat je weer luisterde naar deze aflevering van AIToday Live. Joop Snijder: En we hebben al over stellingen gesproken. Joop Snijder: We hebben twee kaartspellen die je kan bestellen, waarbij je rondom stellingen. Joop Snijder: En dat zijn niet alleen maar over biases. Joop Snijder: Dus dat gaat over van alles en nog wat rond de AI. Joop Snijder: Die zijn gratis te verkrijgen. Joop Snijder: Dus de link staat in de show notes. Joop Snijder: Daniël, nogmaals bedankt. Joop Snijder: Vergeet je niet te abonneren via je favoriete podcast-app. Joop Snijder: Dan mis je geen aflevering. Joop Snijder: Tot de volgende keer.